Toon items op tag: Estate Planning
Opname in het passief van een verrekenbeding
Het verrekenbeding heeft veel van zijn fiscaal belang verloren, althans in Vlaanderen niet: de Vlaamse Regering heeft een voorstel van decreet daartoe neergelegd bij het Vlaamse Parlement, dat inmiddels goedgekeurd werd: het decreet van 8 december 2017. Toch blijft het interessant het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 27 juni 2017 te lezen omwille van de problematiek die daarin aan de orde kwam. Met name: hoe dient het verrekenbeding in de aangifte te worden opgenomen, en meer in het algemeen: hoe moeten precies de schulden worden vermeld?
Amandine Baltus
Amandine is afgestudeerd aan de Universiteit van Luik (ULiège) waar ze een Master in de Rechten behaalde (3e Bachelor aan de Universiteit van Gent - Ugent). Ze behaalde ook een Master in Economie en Management aan de Management School HEC Luik evenals gelijktijdig een Master in Fiscaal Recht (ULiege - HEC).
Amandine is lid van de Balie van Brussel sinds oktober 2015. Ze vervoegde Tiberghien in 2018 en focust zich op materie van personenbelasting, vennootschapsbeslasting en internationale estate planning.
Sinds september 2016 is Amandine assistent aan de Universiteit van Luik onder leiding van Professor Marc Bourgeois.
Nieuwigheden Patrimoniumtaks
De “patrimoniumtaks” of “de taks tot vergoeding der successierechten”, zijnde de jaarlijkse belasting van 0,17 % verschuldigd op het geheel van de bezittingen van (internationale) verenigingen zonder winstoogmerk (vzw’s) en van private stichtingen, werd eind 2017 op twee punten aangepast. Ten eerste werd de methode tot waardering van de financiële instrumenten aangehouden door de private stichting gewijzigd. Ten tweede werd de drempel verhoogd voor het toepassen van het kwijtingstelsel voor “kleine” private stichtingen. Deze wijzigingen zijn reeds van toepassing op de aangifte en de betaling van de patrimoniumtaks 2018, beiden te gebeuren vóór 31 maart 2018.
De impact van het nieuwe erfrecht op filantropie
Dat het nieuwe erfrecht gevolgen heeft voor familiale successieplanning, is ondertussen bekend. Maar dat de nieuwe regels ook een impact hebben op de goede doelen die worden bevoordeeld middels schenking of legaat, is minder gekend.
Enkele voorbeelden ter illustratie:
VB 1: De heer Devos is getrouwd en heeft één dochter. Na het overlijden van zijn broer, die de strijd verloor tegen kanker, schonk hij een portefeuille obligaties (met een waarde van 200.000 EUR) met voorbehoud van vruchtgebruik aan een stichting die onderzoek doet naar deze ziekte. Bij zijn overlijden beschikt de heer Devos over een vermogen ter waarde van 400.000 EUR.
- Indien de heer Devos overlijdt vóór de inwerkingtreding van het nieuwe erfrecht (zijnde 1 september 2018), zal de stichting ingevolge zijn overlijden volle eigenaar worden van de geschonken portefeuille, die ten volle zal kunnen worden aangewend ter financiering van het onderzoek rond kanker.
- Indien de heer Devos overlijdt na 31 augustus 2018, zal zijn langstlevende echtgenote ingevolge het nieuwe erfrecht ingevoerde “voortgezet vruchtgebruik” ontvangen op de activa die werden geschonken aan het goede doel. De stichting zal bij het overlijden van de heer Devos dus niet vrij kunnen beschikken over de geschonken portefeuille. Aangezien de heer Devos ten tijde van de schenking gehuwd was, zal zijn langstlevende echtgenote recht hebben op het vruchtgebruik en dus de opbrengsten van de portefeuille. Beslissingen inzake herbelegging zal de stichting zo nodig samen moeten nemen met de langstlevende echtgenote. In principe pas bij haar overlijden komt haar vruchtgebruik tot een einde en is de portefeuille volledig ter beschikking van het goede doel.
- Kan de samenloop met de langstlevende echtgenote worden vermeden?
Ja, dit voortgezet vruchtgebruik, kan door de heer Devos uitgesloten worden, ofwel in een erfovereenkomst (mits akkoord van zijn echtgenote), ofwel eenzijdig in zijn testament.
VB 2: De heer Luyckx laat bij zijn overlijden een echtgenote en kinderen na. In zijn testament legateert hij 40% van zijn nalatenschap aan een stichting en stipuleert hij dat zijn nalatenschap voor het overige volgens het wettelijk erfrecht aan zijn echtgenote en kinderen dient toe te komen.
- Indien de heer Luyckx overlijdt vóór 1 september 2018:
o Ontvangt de stichting 40% van zijn nalatenschap in volle eigendom;
o Ontvangt zijn echtgenote vruchtgebruik over de overige 60%, waarvan de blote eigendom toekomt aan zijn kinderen.
- Indien de heer Luyckx overlijdt vanaf 1 september 2018 ziet de verdeling er ons inziens als volgt uit:
o De stichting ontvangt 40% van zijn nalatenschap in blote eigendom;
o Zijn echtgenote ontvangt vruchtgebruik over 60%
o Zijn kinderen ontvangen 40% in volle eigendom en 20% in blote eigendom.
Het nieuwe erfrecht heeft, zoals blijkt uit bovenstaande voorbeelden, potentieel een grote impact op schenkingen en legaten aan vzw’s, private stichtingen en andere derden, die mogelijks geconfronteerd zullen worden met een (voortgezet) vruchtgebruik in hoofde van de langstlevende echtgenoot.
Mildering is wel dat het nieuwe erfrecht het beschikbaar deel (waarover de erflater vrij kan beschikken) theoretisch heeft verruimd. Waar dit deel slechts 1/4de van het vermogen bedroeg wanneer de erflater 3 of meer kinderen naliet, is dit nu in alle gevallen (ongeacht het aantal kinderen) gelijk aan de helft van het vermogen. Bijgevolg is het deel dat vrij kan worden nagelaten aan een goed doel in theorie inmiddels groter geworden. Zoals hierboven uiteengezet, dient er wel rekening mee te worden gehouden dat het (voortgezet) vruchtgebruik van de langstlevende echtgenoot dit beschikbaar deel kan bezwaren.
Heeft u in het verleden geschonken aan een goed doel of bent u dat van plan? Heeft u een goed doel bij testament begunstigd?
Bent u zelf een caritatieve instelling en wenst u de impact van het nieuwe erfrecht op reeds ontvangen schenkingen na te gaan?
Indien u hieromtrent meer informatie wenst, kunt u contact opnemen met:
- Emilie Van Goidsenhoven - Senior Associate: emilie.vangoidsenhoven@tiberghien.com
- Dominique De Bie - Senior Associate: dominique.debie@tiberghien.com
Gezinswoning volledig vrijgesteld van successierechten - Het Waalse Gewest stemt haar wetgeving af op de andere twee gewesten. Vergelijking van de vrijstellingsvoorwaarden in de drie gewesten
Sinds de inwerkingtreding op 1 januari van het Waals decreet van 13 december 2017 houdende diverse fiscale wijzigingen[1], wordt het netto-aandeel van de gezinswoning dat de echtgenoot of de wettelijke samenwonende partner erft volledig vrijgesteld van successierechten in het Waalse Gewest.
Aanpassing erfbelasting aan nieuwe erfrecht: De Vlaamse regering beslist als volgt: voortgezet vruchtgebruik wel, terugval van vruchtgebruik niet (meer) belast met erfbelasting
Tijdens de Ministerraad van 2 maart jl. heeft de Vlaamse regering zijn principiële goedkeuring verleend aan het Voorontwerp van Decreet tot modernisering van de erfbelasting, aangepast aan het nieuwe erfrecht.1 Vooropgesteld wordt om dit Decreet, net als het nieuwe erfrecht, in werking te laten treden op 1 september 2018. Het advies van onder meer de Raad van State wordt nog ingewonnen dus het blijft afwachten naar eventuele opmerkingen (bv. over de bevoegdheid van het Vlaamse Gewest) en hieraan gekoppeld eventuele latere aanpassingen.
Familiale vermogensplanning in het nieuwe erfrecht: nieuwe mogelijkheden?
Op 1 september werd de wet tot wijziging van het erfrecht gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Twaalf maanden later, op 1 september 2018, treedt het nieuwe erfrecht in werking. Vanaf dan zullen nieuwe rechtsiguren zoals ‘het wettelijk voortgezet vruchtgebruik’ (art. 858bis nieuw BW) en ‘de inbreng ten behoeve van een derde’ (art. 845, § 2 nieuw BW) concreet toepassing vinden. Maar ook nu reeds moet het nieuwe erfrecht ten gronde bestudeerd worden, niet in het minst omdat mogelijk al acties moeten worden ondernomen. Wordt bijvoorbeeld beslist om een verklaring voor een notaris af te leggen zodat de ‘oude’, thans nog geldende regels van toepassing blijven op alle reeds gedane schenkingen? En is het opportuun om nog voor 1 september 2018 te schenken onder de thans geldende regeling, dan wel te wachten tot ná 1 september 2018 op de nieuwe regelgeving?
Het nieuwe erfrecht en zijn fiscale gevolgen
Het heeft al goed de media gehaald: het erfrecht is veranderd. Minister Geens is erin geslaagd om de hervorming door het parlement te laten goedkeuren en het is een vrij ingrijpende wijziging geworden: de wet van 31 juli 2017 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de erfenissen en de giften betreft en tot wijziging van diverse andere bepalingen ter zake. De wet zelf bevat 73 artikelen, en wijzigt een heel aantal artikelen van het Burgerlijk Wetboek, vooral in de hoofdstukken over het erfrecht, schenkingen en testamenten, maar ook in de teksten over het levensonderhoud, er komt een heel nieuwe titel over de Erfovereenkomsten. Verder zijn er wijzigingen aan het gerechtelijk wetboek, de wet op de verzekeringen, de wet op de registratie van testamenten. Ten slotte is er bepaald dat de Koning het Burgerlijk Wetboek opnieuw kan codificeren, met andere woorden de artikelen kan hernummeren en de teksten naar de vorm kan wijzigen. De ene hervorming kan dus een andere verbergen!
Patrimonium 2017 - het nieuwe erfrecht in theorie én praktijk
Een nieuw gerechtelijk jaar, een nieuw boekdeel Patrimonium! Hoe anders kunnen wij dit vieren dan met een studienamiddag over de hervorming van het erfrecht?
Huwelijkscontracten: nieuwe solidariteitsregels tussen gehuwden worden fiscaal afgestraft in het Vlaamse Gewest, voorlopig althans …
Nieuwe solidariteitsregels in een stelsel van scheiding van goederen
In het kader van de hervorming van het huwelijksvermogensrecht zouden initiatieven worden genomen om echtgenoten, ongeacht het gekozen huwelijksvermogensstelsel (gemeenschap of scheiding van goederen), civielrechtelijk gelijk te behandelen.